De lol moet terug

Klasina SeinstraLol in het schaatsen blijkt toch nog altijd het beste om te presteren. Je kunt nog zo hard trainen, maar door de spanning of het moeten, valt het soms vies tegen. Zo zag ik ‘onze’ Carien Kleibeuker zitten voor haar fabelachtige 5000m in Sotsji. Heftig om te zien wat die kop toch met je kan doen. Een coach, een goede vriend(in) of familie kan zo belangrijk zijn op die momenten.

Door verplichte rust bij een blessure wordt er vaak niet veel verwacht van een prestatie, maar door die gedachte ontstaat er dan weer wèl ontspanning in het lijf en rijdt iemand ineens boven verwachting toch die toptijd. Die flow waar een sporter naar zoekt is onzeker. Hoe krijg je het voor elkaar om niet teveel te denken, maar te doen. Voor sporters moet het op alle onderdelen kloppen. Onzekerheid is dodelijk. Mooie sport met veel verrassingen hebben we afgelopen winter gezien. Met na  de Olympische Spelen misschien wel als hoogtepunt het Nederlands Kampioen- schap in het Olympisch stadion. Dan pas zie je waarom Nederland zo van schaatsen houdt.

Genieten van de sport in een vol stadion met alleen maar lachende gezichten . Terwijl er in de buitenlucht nog behoor- lijk hard gereden wordt ook! Waarom kan dat niet op alle ijsbanen? Waarom kunnen we er niet zo’n feest van maken als bij de Zesdaagse op de wielerbaan? Gastvrije ontvangsten, muziek, sfeer en topwedstrijden. Dat is waar Nederland van houdt.

De marathons op natuurijs brengen heel Nederland op de been èn op de schaats. Dan gebeurt er iets met ons. Wat is dat toch?  We steken elkaar aan, we genieten in de buitenlucht, en stress verdwijnt als sneeuw voor de zon. De jeugd gaat weer op les bij de clubs en nieuwe talenten worden geboren. Marathon, langebaan, ijshockey en shorttrack  moeten elkaar versterken en het moet weer leuk worden voor iedereen. De lol moet weer terug in de schaatssport, dat is Nederland ten top!

Klasina Seinstra